Naar aanleiding van mijn posts en blogs krijg ik geregeld vragen over bovenstaande begrippen. Daarom volgt hier een toelichting op de plaats die deze termen innemen binnen mijn visie op het Koninkrijk van God.
Alles draait om de staat van het menselijk bewustzijn. Hoewel ik bewustzijn niet zie als drie strikt gescheiden stadia, geloof ik wel in een groei waarin drie lagen te onderscheiden zijn. Deze toestanden herkennen we ook in het Nieuwe Testament:
- Het rijk van de duisternis, met de voorhof van onze tempel (lichaam) als schaduwbeeld. Dit noem ik het verduisterde bewustzijn, ook wel de eerste hemel. Zolang ons bewustzijn verduisterd is, bevinden we ons in dit rijk.
- Het Koninkrijk van het Licht (het Koninkrijk van de Zoon der Liefde), met het heilige in onze tempel als schaduwbeeld: Christus in ons. Dit is het Christusbewustzijn, de tweede hemel. Zodra het Licht van Christus in ons hart opgaat, wandelen we in dit Koninkrijk.
- Het Koninkrijk van God, met het heilige der heiligen als schaduwbeeld: het Koninkrijk in ons. Dit noem ik het Godsbewustzijn, de zogenoemde derde hemel waar Paulus over spreekt.
Hieronder een schematische voorstelling van de drie bewustzijnslagen.

Hieronder volgt het verband tussen de begrippen uit de titel en deze lagen van bewustzijn.
Verduisterd bewustzijn
Vanuit een verduisterd bewustzijn ervaart een gelovige God vooral als transcendent: een op zichzelf staande entiteit buiten de schepping. Kenmerkend voor dit bewustzijn is het denken in scheiding: God enerzijds en de schepping anderzijds. God wordt gezien als afwezig in zijn schepping, met als uitzondering Jezus van Nazareth, in wie Hij uniek geïncarneerd zou zijn.
Dit is het wereldbeeld van veel christenen en gaat samen met een theïstisch Godsbeeld. Velen leven vanuit de voorhof van hun tempel, omdat hun geleerd is dat de mens van nature niet deugt. Redding wordt daarom van buitenaf verwacht, in plaats van door naar binnen te keren en de tempel van het eigen lichaam binnen te gaan. Toch schrijft Paulus dat onze hoop op heerlijkheid ligt in Christus in ons (Kolossenzen 1:26-27).
Christusbewustzijn
Wanneer we ons — in de Geest, dus niet slechts rationeel — bewust worden van onze Christus-identiteit, gaan we Christus in alles en iedereen herkennen. God wordt dan niet alleen als transcendent, maar ook als immanent ervaren. Als zonen van God zijn we openbaar geworden: God blijft als Vader een relatie buiten ons, maar tegelijk erkennen we dat Christus (de zalving van Gods Geest) in alles aanwezig is.
Een groeiende groep mensen komt tot dit Christusbewustzijn, zowel binnen als buiten het christendom. Hun wereldbeeld wordt panentheïsme genoemd.
Jezus, Paulus en de andere nieuwtestamentische schrijvers leefden vanuit dit bewustzijn en schreven vanuit dit perspectief. Veel Bijbelvertalingen zijn echter ontstaan vanuit een verduisterd bewustzijn, waardoor een groot deel van de rijkdom verloren is gegaan en een moralistisch evangelie is overgebleven — een evangelie waarin de oorspronkelijke kracht (dunamis) ontbreekt.
Godsbewustzijn
Gods doel is dat ieder mens tot Godsbewustzijn komt. Dat is het moment waarop we het Koninkrijk van God binnengaan — dat wil zeggen: ons daarvan bewust worden. Het is de weg naar binnen, via het heilige naar het heilige der heiligen van onze tempel.
In deze staat zien we God “van aangezicht tot aangezicht”: volledige eenwording met God (theosis of deïficatie). Deze overgang zal de mensheid collectief doormaken en gaat gepaard met de verheerlijking (metamorfose) van het lichaam. God wordt zich dan als het ware door de mens heen bewust.
Vanaf dat moment is er alleen nog sprake van immanentie. Dit komt overeen met het wereldbeeld van het pantheïsme. Voor wie nu al een pantheïstische visie heeft, blijft dit vaak nog een rationeel concept. Zelf zie ik pantheïsme als de geestelijke werkelijkheid die er altijd al was, maar qua bewustzijn bevind ik mij meer in het panentheïsme.
Past de wederkomst van Jezus nog in deze visie?
Het dogma van de wederkomst van Jezus is naar mijn overtuiging ontstaan doordat dit bredere perspectief verloren is gegaan. De schepping wacht niet op de terugkeer van Jezus, maar op het openbaar worden van de zonen van God — dat zijn wij.
“Zolang Ik in de wereld ben, ben Ik het licht der wereld.” (Johannes 9:5)
Waarom zien zoveel christenen dan toch uit naar zijn wederkomst? Dat heeft te maken met hun bewustzijn. Zolang dit verduisterd is, verwachten we redding van buitenaf. Christus in ons blijft dan een mysterie dat we hooguit verstandelijk belijden. Wat Jezus heeft geopenbaard, blijft buiten beeld.
We wandelen dan — ook als christenen — in de ijdelheid van ons denken, verduisterd in ons verstand en vervreemd van het leven van God (Efeziërs 4:17-18). Zo is een religie ontstaan rond de persoon Jezus van Nazareth, terwijl Hij juist de Christus heeft geopenbaard.
Wanneer we ons bewust worden van onze Christus-identiteit, worden we openbaar als zonen van God. Onze verwachting verschuift dan: niet langer gericht op Jezus die terugkomt op de wolken, maar op het volgen van zijn weg naar verheerlijking.
Handelingen 1:11 kan dan als volgt worden verstaan:
“Deze Jezus, die van u is opgenomen in de hemel (zijn opname in heerlijkheid), zult gij op dezelfde wijze volgen.”
Jezus is de voleinder van het geloof: hij is ons de volledige weg voorgegaan — van menswording tot verheerlijking. Het is Gods bedoeling dat wij hem daarin volgen, inclusief de verheerlijking van ons lichaam. Daarom worden gelovigen in Handelingen “mensen van de Weg” genoemd.
Deze opname in heerlijkheid zal niet individueel plaatsvinden, zoals bijvoorbeeld wordt voorgesteld in Left Behind. We bewegen naar een moment waarop de mensheid collectief in een ogenblik wordt opgenomen in heerlijkheid. Wanneer het Licht van Christus volledig doorbreekt, wordt de duisternis in één moment opgeslokt.
De ‘eerste hemel en aarde’ — het rijk van de duisternis — verdwijnen, en de schepping wordt bevrijd van vergankelijkheid (Romeinen 8:19-21). Als verheerlijkte mensheid vormen we samen het hemelse Jeruzalem, de bruid van Christus, voor de troon van God — beeldtaal voor volledige eenheid tussen God en mens.
Daarna zullen we, samen met Jezus van Nazareth, neerdalen op de aarde. We zullen opnieuw zichtbare lichamen aannemen, met de mogelijkheid om te transformeren naar een geestelijk lichaam — om ons in de Geest te verplaatsen en, zoals Jezus, door materie heen te bewegen.
Reflectievragen
- Vanuit welk bewustzijn kijk jij meestal naar God: ervaar je Hem vooral als buiten jou, of herken je ook iets van Zijn aanwezigheid in jou en om je heen?
- Wat gebeurt er in jou wanneer je hoort dat “Christus in jou” geen idee is, maar een werkelijkheid die ontdekt wil worden?
- Waar verwacht jij diep vanbinnen verandering of redding: van buitenaf, of via een beweging naar binnen?
- In hoeverre herken jij momenten waarop je eenheid ervaart met anderen, de wereld of God — en wat zegt dat over jouw bewustzijn?
- Als jij jezelf zou zien als iemand die de weg van Jezus volgt (van menswording naar verheerlijking), wat zou dat concreet veranderen in hoe je nu leeft?
Resoneert dit artikel bij je, of roept het vragen op?
Je bent van harte welkom om contact op te nemen — we denken graag met je mee.
Wil je ons werk ondersteunen zodat we dit soort artikelen kunnen blijven delen? Een vrijwillige bijdrage is altijd welkom:
NL94 ASNB 0932 1927 50 t.n.v. P. Overduin
Wil je op de hoogte blijven van nieuwe artikelen?
Schrijf je dan hieronder in voor onze blog / infomail.
