“Zij zullen Zijn gerechtigheid verkondigen aan het volk dat geboren zal worden, omdat Hij het gedaan heeft.”
(Psalm 22:31)
“Toen Jezus dan de zure wijn genomen had, zei Hij: Het is volbracht!”
(Johannes 19:30)
Het is volbracht!
“Het is volbracht.”
Drie woorden van Jezus aan het kruis die diep verankerd zijn geraakt in het christelijk geloof.
Maar wat betekenen deze woorden eigenlijk?
Wat werd aan het kruis volbracht? En wat betekent het kruis voor onze verlossing, onze verhouding tot God en onze roeping als mens?
In deze driedelige serie wil ik het kruis vanuit het perspectief van bewustzijn en het Koninkrijk van God opnieuw onderzoeken.
Daarbij staat een fundamentele vraag centraal: wat als het kruis niet het moment is waarop God en mens voor het eerst weer met elkaar verbonden konden worden, maar een openbaring van een werkelijkheid die veel dieper gaat?
Een werkelijkheid waarin ons bestaan vanaf het begin in God geworteld is en waarin Jezus van Nazareth zichtbaar maakt wat het betekent om volledig vanuit het goddelijke Leven te leven.
Dat vraagt om een radicale mindshift.
Jezus en de Christus-werkelijkheid
In Jezus van Nazareth werd iets unieks zichtbaar.
Zijn leven, woorden, sterven en opstanding openbaren het Christus-Leven op een wijze die bepalend is geworden voor onze kijk op God en mens.
Tegelijk wijst het Nieuwe Testament naar een werkelijkheid waarin wij zelf worden betrokken.
Paulus spreekt over Christus in ons.
Hij spreekt over mensen die naar hetzelfde beeld worden veranderd.
Over kinderen van God die openbaar worden.
En uiteindelijk over Christus die alles en in allen is.
De uniciteit van Jezus hoeft onze deelname aan deze werkelijkheid daarom niet uit te sluiten.
Integendeel.
In Jezus wordt zichtbaar waartoe het goddelijke Leven in een mens kan leiden.
Hij openbaart een Weg die ook wij mogen gaan.
Niet om een kopie van Jezus te worden, maar om als Christus-mens te leren leven vanuit het Christus-Leven dat ook in ons aanwezig is.
Scheiding of ervaren afgescheidenheid?
Een belangrijke vraag daarbij is of er ooit werkelijk een ontologische scheiding tussen God en mens is ontstaan.
De Bijbel begint met een mens die naar Gods beeld en gelijkenis wordt geschapen. Gods levensadem draagt het menselijke bestaan en God noemt Zijn schepping zeer goed.
Paulus zegt later:
“Want in Hem leven wij, bewegen wij ons en bestaan wij.”
(Handelingen 17:28)
Ons bestaan is dus niet los verkrijgbaar van God.
Vanuit dit perspectief kan Genesis 3 worden gelezen als het ontstaan van een verduisterd bewustzijn waarin de mens zichzelf, God en de wereld vanuit scheiding gaat ervaren.
Paulus gebruikt vergelijkbare taal wanneer hij spreekt over mensen die door de zinloosheid van hun denken verduisterd zijn in hun verstand en vervreemd raken van het Leven van God door de onwetendheid die in hen is (Efeziërs 4:17-18).
De vervreemding is werkelijk.
De gevolgen ervan zijn werkelijk.
Maar dat betekent niet noodzakelijk dat de diepste bestaansverbondenheid tussen God en mens verdwenen is.
Wij blijven leven, bewegen en bestaan in God.
Ook wanneer wij ons daarvan niet bewust zijn.
Fundamentele eenheid als uitgangspunt
Wanneer we deze fundamentele verbondenheid tussen God, mens en schepping als uitgangspunt nemen, krijgt ook verlossing een bijzondere betekenis.
Verlossing betekent dan niet alleen dat er iets aan onze juridische positie verandert.
Het betekent dat wij bevrijd worden uit alles wat ons verhindert om vanuit het goddelijke Leven te leven.
Ons bewustzijn wordt verlicht.
Onze geestelijke ogen gaan open.
We worden ons bewust van Christus in ons.
En we leren leven vanuit onze Christus-identiteit.
Daarmee verandert ook onze kijk op het kruis.
Het kruis hoeft vanuit dit perspectief niet te worden verstaan als het moment waarop God en mens voor het eerst weer met elkaar verbonden werden.
Het openbaart hoe ver Gods trouw en Liefde gaan.
Tot in het lijden.
Tot in de dood.
En dwars door de dood heen naar opstanding en Leven.
Jezus als openbaring van het Christus-Leven
Johannes schrijft:
“Alle dingen zijn door het Woord gemaakt, en zonder dit Woord is geen ding gemaakt dat gemaakt is. In het Woord was het leven en het leven was het licht van de mensen.”
(Johannes 1:3-4)
Het Christus-Licht raakt daarmee de hele schepping.
Jezus van Nazareth maakt deze Christus-werkelijkheid op unieke wijze zichtbaar.
In zijn leven zien we wat het betekent wanneer een mens volledig vanuit het goddelijke Leven leeft.
Hij leeft vanuit verbondenheid met de Vader.
Hij brengt Licht waar duisternis heerst.
Hij brengt bevrijding waar mensen gebonden zijn.
Hij raakt mensen aan die buitengesloten worden.
Hij verkondigt het Koninkrijk van God.
En uiteindelijk gaat hij de weg door lijden en dood heen naar opstanding en heerlijkheid.
Jezus blijft daarbij niet slechts een figuur om op afstand te bewonderen.
Zijn leven nodigt uit tot deelname.
Hetzelfde Nieuwe Testament dat over Jezus spreekt, spreekt immers ook over Christus in ons.
De Mensenzoon
Jezus noemt zichzelf herhaaldelijk de Mensenzoon.
Daarin verschijnt hij als de mens in wie Gods bedoeling met de mensheid zichtbaar wordt.
Zijn leven laat zien wat het betekent om vanuit eenheid met God te leven.
Daarom kunnen we hem ook verstaan als patroon en voorloper.
Niet omdat wij Jezus moeten worden.
Maar omdat het Christus-Leven dat in hem zichtbaar werd ook in ons wil wonen en door ons zichtbaar wil worden.
Paulus spreekt over Christus als de Eerstgeborene onder vele broeders en over een mensheid die uiteindelijk gelijkvormig wordt aan het beeld van Gods Zoon.
Jezus opent daarmee geen weg die uitsluitend door hemzelf bewandeld kan worden.
Hij roept:
“Volg Mij.”
Die uitnodiging krijgt een diepe betekenis wanneer we haar verbinden met Christus in ons.
Metanoia: anders leren zien
Jezus begint zijn verkondiging met een oproep:
“Bekeer u, want het Koninkrijk der hemelen is nabijgekomen.”
Het Griekse woord metanoia wijst op een verandering van denken, een fundamentele omkeer in onze manier van kijken.
Dat is precies wat nodig is om het Koninkrijk te kunnen zien.
Het Koninkrijk van God hoeft namelijk niet eerst werkelijkheid te worden.
Jezus spreekt over een Koninkrijk dat vanaf de grondlegging van de wereld bereid is (Mattheüs 25:34).
Het is hier en nu volledig aanwezig.
Maar vanuit verduisterd bewustzijn zien we die werkelijkheid niet helder.
Daarom opent Jezus ogen.
Hij verkondigt bevrijding.
Hij brengt mensen tot heelheid.
Hij laat zien hoe het leven eruitziet wanneer Gods Koninkrijk zichtbaar wordt in menselijke werkelijkheid.
Zijn hele weg — zijn leven, kruis, opstanding en verheerlijking — staat in het teken van die openbaring.
Wat openbaart het kruis?
Daarmee komen we opnieuw bij de woorden:
“Het is volbracht.”
Misschien nodigen deze woorden ons uit om verder te kijken dan de vraag welke juridische transactie op dat moment heeft plaatsgevonden.
Het kruis openbaart iets over God.
Iets over Jezus.
En iets over de weg van de mens.
Aan het kruis wordt zichtbaar dat Gods Liefde niet ophoudt wanneer zij geconfronteerd wordt met afwijzing, geweld en dood.
Jezus blijft trouw aan de weg van het Koninkrijk tot het uiterste.
En juist waar alles lijkt te eindigen, blijkt de dood niet het laatste woord te hebben.
Het kruis staat daarom niet los van de opstanding.
Kruis en opstanding vormen samen een beweging:
van sterven naar Leven,
van duisternis naar Licht,
van vergankelijkheid naar heerlijkheid.
Een beweging die in Jezus zichtbaar wordt en waarin ook wij worden uitgenodigd.
Een andere kijk op verlossing
Vanuit dit perspectief verschijnt verlossing als een allesomvattende beweging van transformatie.
Ons bestaan hoeft niet eerst met God verbonden te worden.
Het is in God geworteld.
Maar onze ogen moeten daarvoor opengaan.
Ons verduisterde bewustzijn heeft Licht nodig.
Onze gebondenheid vraagt om bevrijding.
Ons vergankelijke bestaan ziet uit naar onvergankelijkheid.
Daarom gaat verlossing verder dan alleen een verandering van status.
Het gaat om metamorfose.
Om deelname aan het Christus-Leven.
Om de mens die steeds meer transparant wordt voor Gods heerlijkheid.
En uiteindelijk om de hele schepping die bevrijd wordt van de vergankelijkheid.
Het is volbracht — en de Weg gaat verder
De woorden “Het is volbracht” betekenen daarom niet dat onze eigen weg overbodig is geworden.
Jezus’ weg nodigt juist uit tot navolging.
Wat in hem zichtbaar werd, wil ook in ons gestalte krijgen.
Paulus spreekt over Christus in ons, de hoop op de heerlijkheid.
Dat is geen werkelijkheid die ons passief maakt.
Het is een uitnodiging om wakker te worden.
Om onze geestelijke ogen te openen.
Om te leren leven vanuit Christus-bewustzijn.
Om het Koninkrijk van God hier en nu zichtbaar te laten worden.
En om te vertrouwen op de uiteindelijke voltooiing waarin ook ons vergankelijke bestaan zal worden getransformeerd.
Het kruis is daarmee niet het einde van de Weg.
Het openbaart de Weg die door dood heen naar Leven voert.
Wat dat betekent voor de betekenis van “Het is volbracht” en voor onze eigen weg van kruis naar opstanding en heerlijkheid, onderzoeken we verder in deel twee.
Daarover meer in deel twee.
Reflectievragen
- Waar ervaar je nog afgescheidenheid tussen jou en God, en welke rol speelt je manier van denken daarin?
- Wat betekent het voor jou dat je bestaan vanaf het begin in God geworteld is?
- Wat verandert er wanneer je het Koninkrijk van God leert herkennen als een werkelijkheid die hier en nu aanwezig is?
Klik hier om deel twee van deze serie te lezen.
Resoneert dit artikel bij je, of roept het vragen op?
Je bent van harte welkom om contact met ons op te nemen — we denken graag met je mee.
Samen bouwen aan bewustwording
Wil je helpen om deze boodschap verder te verspreiden? Met een vrijwillige bijdrage ondersteun je ons werk en maak je nieuwe artikelen mogelijk. Elke bijdrage, groot of klein, helpt ons enorm en wordt van harte gewaardeerd.
Wil je op de hoogte blijven van nieuwe artikelen?
Schrijf je dan hieronder in voor onze nieuwsbrief.

5 reacties op “Het kruis vraagt om een radicale mindshift: wat betekent ‘Het is volbracht’? (deel 1 van 3)”
Hoi Peter,
Mooi stuk weer, zit zichtbaar een hoop tijd en energie in. Bedankt.
Vraag: Je hebt het een aantal keer over een ‘goddelijke ervaring’ die Jezus zou hebben gehad waardoor hij als eerste volledig bewust is geworden. Is dit ergens van afgeleid, of is dit een aanname?
Een grotere vraag: Deze manier van denken, zorgt er volgens mij ook voor dat de gedachte van veel christenen dat het christendom dé waarheid is, ook aan vernieuwing onderhevig is. Want het proces naar bewustwording kan ook via andere religies/literatuur lopen. In hoeverre is de kennis van Jezus en het voorbeeld dat hij was, noodzakelijk om tot het godsbewustzijn te komen waar je over spreekt?
Ha Julian, dankjewel voor je bericht. Mooie vragen die je stelt!
Je vraag over de ‘goddelijke ervaring’ van Jezus. Het is een aanname die gebaseerd is op Matteüs 3:13-17; het moment waarop Jezus zich liet dopen. Of het allemaal letterlijk zo gebeurd is als het beschreven is, laat ik in het midden, maar ik geloof (neem aan) dat Jezus zich op dat moment volledig bewust werd van zijn Christus-identiteit. Op dat moment opende er zich voor Jezus een nieuwe wereld, de wereld van het koninkrijk van God.
Je tweede (grotere) vraag. Jezus verkondigde een universele Waarheid; geen rationele geloofsdogma’s (zoals Jezus is God), maar een way of life die tot godsbewustzijn leidt. Jezus is niet de grondlegger (oprichter) geweest van het (geïnstitutionaliseerde) christendom zoals wij dat kennen. Het christendom heeft Jezus (even kort door de bocht gezegd) voor haar karretje gespannen om haar boodschap (waarvan men geloofde dat het de waarheid was) kracht bij te zetten. Ik geloof niet in kwade opzet. Het is een proces geweest dat zich zo heeft ontwikkeld. In dit proces is de way of life die Jezus verkondigde volledig uit beeld geraakt, helaas door toedoen van het christendom. Het christendom zoals wij dat kennen is / heeft dus niet de Waarheid. Het gaat om de way of life die Jezus verkondigde (en voorleefde) en niet om de dogma’s rond de persoon van Jezus (die zijn een product van het christendom). Iedereen die deze way of life bewandeld of gaat bewandelen zal zich herkennen in de universele boodschap die Jezus verkondigde. Is het noodzakelijk dat de persoon of de naam van Jezus daarbij genoemd of beleden wordt? Ik denk het eerlijk gezegd niet.
Jezus was op 12 jarige leeftijd al te vinden in de tempel, wat hij het huis van zijn Vader noemde. Wanneer Jezus zijn eerste wonder in Israel verricht, weet Maria al dat hij wonderen kan verrichten. Het bewustzijn (misschien nog niet volledig), was er al eerder.
Wat het geïnstitutionaliseerde christendom betreft: je ziet het bij de Galaten al gebeuren dat ze terug grijpen op de wet. Ik denk dat op enig moment de geestelijken weer over de leken zijn gaan heersen, door ze opnieuw wijs te maken dat ze zondig waren en vergeving van zonden nodig hadden. En die vergeving was verkrijgbaar bij het instituut.
Klopt,te vaak word de wet weer vermengd.
Evangelie van JEZUS is ALLES
Jezus en zijn vrienden altijd in je hart zitten