Categorieën
Bijbelstudie

Met geopende ogen kijken naar dood en opstanding van Christus

De dood en opstanding van Christus reiken veel dieper dan het idee van een bovennatuurlijk wonder waarbij Jezus lichamelijk uit de dood opstond.

Wat hier zichtbaar wordt, is een volledig natuurlijk wonder — een werkelijkheid die zich voltrok in het leven van Jezus van Nazareth, een mens van vlees en bloed. Juist daarom opent dit voor ons de weg om dezelfde opstanding te kennen: niet als iets buiten ons, maar als een levende realiteit van Christus in ons.


Dood en opstanding als innerlijke werkelijkheid

Wanneer Paulus spreekt over dood en leven, over sterven en opstanding, doelt hij vrijwel steeds op een geestelijke realiteit. Dood verwijst naar een verduisterd bewustzijn; opstanding naar het doorbreken van het Christus-Licht in ons — de wedergeboorte.

Wij zijn dan met Hem begraven door de doop in de dood … opdat … wij in nieuwheid des levens zouden wandelen.” (Romeinen 6:4,11)

Bedenk de dingen die boven zijn … want u bent gestorven en uw leven is met Christus verborgen in God.” (Kolossenzen 3:2,3)

Met Christus ben ik gekruisigd, en toch leef ik, dat is, niet meer mijn ik, maar Christus leeft in mij.” (Galaten 2:19,20)

… hoewel gij dood waart …” (Efeziërs 2:1)

… mede levend gemaakt … en mede opgewekt …” (Efeziërs 2:5,6)

… wij zien niet op het zichtbare, maar op het onzichtbare …” (2 Korintiërs 4:18)

Deze woorden spreken niet over fysieke dood, maar over een innerlijke overgang: van duisternis naar Licht, van het oude bewustzijn naar deelname aan het Christus-leven, van een wandel naar het vlees naar een leven in de Geest.

… daar wij niet zien op het zichtbare, maar op het onzichtbare … want het zichtbare is tijdelijk, maar het onzichtbare is eeuwig.” (2 Korintiërs 4:18; Paulus leerde overigens geen dualistisch gnosticisme)

Als dit de kern is van het evangelie van Christus [1], waarom zouden we dan de nadruk leggen op een uiterlijke, lichamelijke opstanding als centrale boodschap?

[1] Romeinen 15:19; 1 Korintiërs 9:12; 2 Korintiërs 2:12, 4:4, 9;13, 10:14; Galaten 1:7; Filippenzen 1:27; 1 Tessalonicenzen 3:2


De werkelijke openbaring van het evangelie

Het evangelie van Christus openbaart geen gebeurtenis buiten ons, maar een werkelijkheid in ons: de overgang van geestelijke dood naar Leven.

het evangelie der heerlijkheid van Christus, die het beeld Gods is.” (2 Korintiërs 4:4)

Het gaat om Christus die alles in allen is — allereerst zichtbaar wordend in ons bewustzijn.


Wat gebeurde er op Golgotha?

Op Golgotha zien we Jezus in zijn diepste vernedering. Zijn lichaam werd gebroken, zijn kracht uitgeput. Het Licht dat eerder zo helder straalde, leek te doven.

Hij had zijn ‘Gode-gelijk-zijn’ niet vastgegrepen, maar zich vernederd. In zijn bewustzijn bevond hij zich in de buitenste duisternis — dat wat wij ‘hel’ noemen: een staat waarin het besef van eenheid met God volledig verdwenen lijkt.

In die toestand van uiterste verlatenheid klinkt de roep:
Mijn God, mijn God, waarom hebt U mij verlaten?

Dit is de ervaring van totale innerlijke duisternis. Niet omdat Christus werkelijk verdwijnt, maar omdat het bewustzijn van Jezus verduisterd was geraakt. Geestelijk gezien was dit de ‘dood’: het verlies van het zicht op Christus.


Tussen kruis en opstanding: wat gebeurde er werkelijk?

Na ongeveer zes uur — uitzonderlijk kort voor een kruisiging — werd Jezus van het kruis gehaald en in een graf gelegd. Opvallende details uit het evangelieverhaal roepen vragen op.

De doeken lagen in het graf, maar de zweetdoek was apart opgevouwen. Waarom?

Er werd een enorme hoeveelheid mirre en aloë gebruikt — ongeveer 30 kilo. Een buitensporige hoeveelheid voor balseming, maar bekend als middel voor wondverzorging en pijnstilling.

Na drie dagen gingen vrouwen opnieuw naar het graf om het lichaam te balsemen. Waarom opnieuw, als dit al gebeurd was? Onderweg vroegen zij zich af wie de steen zou wegrollen. Waarom die vraag, als het graf gesloten moest blijven?

In het verhaal van Lazarus wilden de vrouwen juist voorkomen dat het graf na drie dagen geopend werd vanwege de lijklucht. Waarom hier niet?

Deze details roepen de vraag op: leefde Jezus mogelijk nog, en gingen de vrouwen naar het graf om hem te verzorgen?


De opstanding als metamorfose

In de periode tussen graflegging en het bezoek van de vrouwen vindt het diepste wonder plaats. De opstandingskracht van Christus breekt door in het lichaam van Jezus. Niet als een externe ingreep, maar als een innerlijke doorbraak van het Christus-Leven in het midden van de dood.

Zijn kapotgeslagen, uitgeputte lichaam ondergaat een gedaantewisseling — een metamorfose tot een verheerlijkt lichaam. Dit is de openbaring van de opstanding: Christus die zichtbaar wordt dwars door de uiterste grens van menselijke kwetsbaarheid heen.

Dit is het werkelijke wonder van Pasen. Niet een bovennatuurlijke onderbreking van de natuur, maar de openbaring van een diepere werkelijkheid binnen de natuur zelf.

Of Jezus lichamelijk gestorven is of niet, is daarin niet het wezenlijke punt. Door ons te fixeren op een lichamelijke opstanding als bovennatuurlijk wonder, missen we dit wezenlijke punt: de opstandingskracht van Christus die in alles en iedereen aanwezig is.


Opstanding als universele werkelijkheid

Wat in Jezus zichtbaar werd, is geen uitzondering, maar openbaring.

Als deze transformatie mogelijk was in zijn lichaam — in die extreme toestand — dan is het voor ieder mens mogelijk om een gedaantewisseling te ondergaan. Ongeacht onze huidige staat.

Sterker nog, dan ligt deze mogelijkheid besloten in de hele schepping: de overgang naar een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, hier en nu. De opstandingskracht van Christus is namelijk niet exclusief, maar universeel aanwezig — in jou, in mij, in de hele schepping.

Indien de Geest van Hem … in u woont, dan zal Hij … ook uw sterfelijke lichamen levend maken door zijn Geest, die in u woont.” (Romeinen 8:11)

Want dit vergankelijke moet onvergankelijkheid aandoen en dit sterfelijke moet onsterfelijkheid aandoen.” (1 Korintiërs 15:54)

Het gaat niet om dode lichamen, maar om sterfelijkheid die wordt doordrongen van Leven — hier en nu.


Christus in ons: de hoop op heerlijkheid

De tweede Adam — Christus in ons — is een levendmakende Geest. In Hem ligt de kracht tot transformatie, ongeacht de staat van ons bewustzijn.

… ons vernederd lichaam zal veranderen, zodat het aan zijn verheerlijkt lichaam gelijkvormig wordt…” (Filippenzen 3:21)

Deze verandering begint niet bij of na de dood, maar bij het ontwaken. Waar het Christus-Licht in ons opgaat, begint de vernieuwing.


De overwinning op de dood

Jezus heeft de dood overwonnen — niet door simpelweg uit een fysieke dood terug te keren, maar door de duisternis volledig onder ogen te zien en daarin te vertrouwen op het Christus-Leven in hem.

Christus in ons is daarom de hoop op heerlijkheid — niet pas na de dood, maar hier en nu.

Gij geeft mijn ziel niet prijs aan het dodenrijk …” (Psalmen 16:9-11)

Een ieder, die leeft en in Mij gelooft, zal in eeuwigheid niet sterven; gelooft gij dat?” (Johannes 11:26)

Dit spreekt over geestelijk leven: een bewustzijn waarin de lichamelijke dood geen weerklank en geen macht meer heeft.


De eerste opstanding en het einde van de dood

Wanneer dit leven doorbreekt, verliest ook de fysieke dood zijn grip. Het lichaam wordt niet langer bepaald door sterfelijkheid, maar door het Christus-Leven dat erin werkzaam is.

Zalig en heilig is hij, die deel heeft aan de eerste opstanding … over hen heeft de tweede dood geen macht.” (Openbaring 20:6)

Dood, waar is uw overwinning?” (1 Korintiërs 15:55)

De prikkel van de dood ligt in de zonde — het doel missen — leven vanuit scheiding en de wet die voortkomt uit het denken in goed en kwaad. Maar waar eenheidsbewustzijn wordt gevonden, verliest de dood zijn kracht.


Van duisternis naar Licht

Wat wij als scheiding hebben ervaren, blijkt een gevolg van een verduisterd bewustzijn. In werkelijkheid is er altijd eenheid geweest tussen God en mens.

Jezus is ons daarin voorgegaan — niet om iets buiten ons te bewerken, maar om zichtbaar te maken wat in ons wil ontwaken. Hij is de eersteling. De mensheid — en uiteindelijk de hele schepping — zal volgen.

De weg van dood naar Leven is de weg van duisternis naar Licht. De weg waarop Christus in ons zichtbaar wordt.

Waar Christus in ons zichtbaar wordt, daar breekt het Leven door. Daar verliest de dood zijn macht. Daar wordt de schepping vernieuwd — van binnenuit.


Reflectievragen
  • Hoe kijk je naar dood en opstanding: als uiterlijke gebeurtenissen of als innerlijke realiteit?
  • Waar ervaar je nog ‘geestelijke dood’ in jouw bewustzijn?
  • Wat betekent het concreet dat Christus in jou leeft?
  • Geloof je dat de opstandingskracht van Christus hier en nu in jou werkzaam is?
  • Hoe verandert jouw kijk op leven en sterven wanneer je vanuit het Koninkrijk van God leert denken en zien?

Resoneert dit artikel bij je, of roept het vragen op?
Je bent van harte welkom om contact op te nemen — we denken graag met je mee.

Wil je ons werk ondersteunen zodat we dit soort artikelen kunnen blijven delen? Een vrijwillige bijdrage is altijd welkom:
NL94 ASNB 0932 1927 50 t.n.v. P. Overduin

Wil je op de hoogte blijven van nieuwe artikelen?
Schrijf je dan hieronder in voor onze blog / infomail.

Één reactie op “Met geopende ogen kijken naar dood en opstanding van Christus”

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *