Hoe kan het dat patronen uit het oude verbond nog zo gemakkelijk doorwerken in ons denken en geloven? Het oude verbond was verbonden met Israël en had zijn eigen wetten, offers, priesterschap en tempeldienst. Toch kunnen principes uit die werkelijkheid ook binnen het christelijke geloof blijven functioneren.
Het nieuwe verbond opent een andere werkelijkheid: Christus in ons, de inwoning van de Geest en een leven vanuit vrijheid. Juist daarom is het belangrijk om te herkennen waar oude patronen ons bewustzijn nog bepalen.
Van Bijbel als wetboek naar Leven door de Geest
Binnen het oude verbond stond de Thora centraal als wet. Ook de Bijbel kan worden benaderd alsof hij vooral een wetboek is waarvan iedere bepaling moet worden vastgelegd, verklaard en nageleefd.
Maar de Bijbel wijst uiteindelijk verder dan de letter. Paulus spreekt over een werkelijkheid waarin de Geest levend maakt en waarin Christus steeds meer zichtbaar wordt. Wie uitsluitend vanuit de letter leest, kan daardoor teksten uit het oog verliezen die spreken over de allesomvattende werkelijkheid van Christus en Christus in allen.
De Bijbel is daarom niet bedoeld om ons opnieuw onder een systeem van regels te brengen, maar om ons bewustzijn te openen voor de werkelijkheid van Gods Leven.
Van afstand tot Christus in ons
Onder het oude verbond werd de verhouding tussen God en mens sterk bepaald door heiligheid, zonde, offers en bemiddeling. Daardoor kon God worden ervaren als Degene die op afstand stond.
Ook vandaag kan het geloof worden beheerst door het bewustzijn van scheiding tussen God en mens. Paulus wijst echter op een mysterie dat eeuwenlang verborgen was en nu openbaar is geworden:
“Aan hen heeft God willen bekendmaken wat de rijkdom is van de heerlijkheid van dit geheimenis onder de heidenen: Christus onder u, de hoop op de heerlijkheid.” (Kolossenzen 1:27)
Christus in ons is daarmee geen werkelijkheid die God pas na een menselijke prestatie tot stand brengt. In Jezus van Nazareth wordt zichtbaar wat verborgen was: Gods aanwezigheid is dichterbij dan wij vanuit een bewustzijn van scheiding konden zien.
Van besnijdenis naar doop op geloof
Binnen het oude verbond was de besnijdenis het zichtbare teken dat een jongen behoorde tot het verbondsvolk. Vanuit die gedachte is later een parallel gelegd tussen besnijdenis en kinderdoop.
Het nieuwe verbond kent echter niet dezelfde afbakening tussen mensen die binnen en buiten het verbond geboren worden. De werkelijkheid die in Christus openbaar wordt, omvat allen.
In het Nieuwe Testament worden mensen gedoopt als antwoord op geloof. De doop bevestigt daarom niet dat iemand door geboorte tot een afzonderlijk verbondsvolk behoort. De parallel tussen besnijdenis en kinderdoop gaat vanuit deze werkelijkheid niet op.
Van bemiddeling naar Christus in ons
Mozes stond als middelaar tussen God en het volk. Binnen een bewustzijn van afstand was bemiddeling noodzakelijk.
Het nieuwe verbond openbaart een diepere werkelijkheid. Christus staat niet als een afzonderlijke werkelijkheid tussen God en mens, maar Gods Geest woont in ons. Het is de werkzaamheid van Gods Geest in ons die bevrijdt en transformeert. Daarom spreekt Paulus over Christus in ons als de hoop op heerlijkheid.
Dat Jezus de Middelaar van het nieuwe verbond wordt genoemd, betekent binnen deze denklijn niet dat hij God en mens op afstand van elkaar houdt. Door zijn leven heeft Jezus juist de Christus-werkelijkheid zichtbaar gemaakt en daarmee de werkelijkheid van het nieuwe verbond ontsloten.
“En tot Jezus, de Middelaar van het nieuwe verbond…” (Hebreeën 12:24)
Van zondoffer naar bevrijding
Binnen het oude verbond werden offers gebracht in verband met zonde en vergeving. Die offerdienst moest telkens opnieuw plaatsvinden.
De kruisiging van Jezus openbaart een andere beweging. Jezus gaf zichzelf uit liefde voor de mensheid. Zijn dood hoeft daarom niet te worden verstaan als een offer dat God nodig had voordat Hij de mens kon vergeven. Aan het kruis wordt zichtbaar wat het betekent dat het oude, door zonde beheerste bestaan zijn heerschappij verliest.
Het evangelie richt zich daarmee niet alleen op vergeving van afzonderlijke misstappen, maar op bevrijding uit de macht van zonde en dood.
Niet blijven leven vanuit schuld
Juist omdat de offers onder het oude verbond telkens opnieuw gebracht moesten worden, bleef het bewustzijn van zonde voortdurend aanwezig.
Ook ons gebed kan nog vanuit dat bewustzijn worden bepaald wanneer wij steeds opnieuw proberen God ertoe te bewegen onze misstappen niet toe te rekenen. Het evangelie opent een andere werkelijkheid: God rekent de wereld haar overtredingen niet toe.
Jezus heeft in zijn kruisiging zichtbaar gemaakt dat het vlees, het lichaam van de zonde, voor dood gehouden mag worden. Wij hoeven daarom niet langer vanuit schuld en veroordeling te leven, maar mogen ons bewust worden van het nieuwe Leven dat in Christus werkelijkheid is geworden.
Van tempel naar inwoning van de Geest
Voor Israël was de tempel de plaats die op bijzondere wijze verbonden was met Gods aanwezigheid en aanbidding.
Paulus verplaatst het accent radicaal naar de mens zelf: ons lichaam is een tempel van de heilige Geest. Gods aanwezigheid is niet gebonden aan een gebouw of religieuze plaats.
Daarmee verliezen samenkomsten hun betekenis niet. Hun diepste betekenis ligt juist in de gemeenschap van mensen in wie Gods Geest woont. We komen niet samen omdat God alleen daar gevonden kan worden, maar omdat we samen mogen leven vanuit de werkelijkheid die ieder van ons draagt.
Van een aardse koning naar het Koninkrijk in ons midden
Israël verlangde naar een aardse koning die zichtbaar over het volk zou regeren, terwijl God zelf hun Koning was.
Ook onze verwachting van het Koninkrijk kan sterk gericht zijn op een toekomstige zichtbare heerschappij op aarde. Het evangelie opent echter onze ogen voor het Koninkrijk van God dat hier en nu aanwezig is.
Christus in ons is de werkelijkheid van Gods koningschap die van binnenuit werkzaam wordt. Het Koninkrijk begint daarom niet pas bij een toekomstige vestiging vanuit Jeruzalem. Waar het Christus-Leven zichtbaar wordt, breekt het Koninkrijk nu al door.
De sluier wordt in Christus weggenomen
De beslissende vraag is daarom niet of wij onszelf tot het oude of het nieuwe verbond rekenen, maar vanuit welk bewustzijn wij leven.
Leven we nog vanuit afstand, schuld, uiterlijke regels en bemiddeling? Of worden onze ogen geopend voor Christus in ons, de inwoning van de Geest en het Koninkrijk van God dat reeds aanwezig is?
Paulus gebruikt hiervoor het beeld van een bedekking, een sluier die verhindert dat iemand de werkelijkheid ziet. Die sluier wordt in Christus weggenomen. Waar de Geest van de Heer is, ontstaat vrijheid en begint transformatie.
“Hun denken verstarde, en dezelfde sluier ligt tot op de dag van vandaag over het oude verbond wanneer het voorgelezen wordt. Hij wordt alleen in Christus weggenomen. Tot op de dag van vandaag ligt er een sluier over hun hart, telkens als de wet van Mozes wordt voorgelezen. Maar telkens als iemand zich tot de Heer wendt, wordt de sluier weggenomen. Welnu, met de Heer wordt de Geest bedoeld, en waar de Geest van de Heer is, daar is vrijheid. Wij allen die met onbedekt gezicht de luister van de Heer als in een spiegel aanschouwen, zullen meer en meer door de Geest van de Heer naar de luister van dat beeld worden veranderd.” (2 Korintiërs 3:14-18)
De beweging van het nieuwe verbond is daarmee een beweging van bedekking naar openbaring, van gebondenheid naar vrijheid en van verduistering naar Licht. Naarmate de sluier verdwijnt, wordt zichtbaar wat er in Christus werkelijk is: Gods Geest woont in ons en transformeert ons steeds verder naar het beeld dat in Jezus zichtbaar is geworden.
Reflectievragen
- Welke patronen uit het oude verbond herken je nog in jouw denken over God, jezelf en anderen?
- Wat verandert er wanneer je niet langer vanuit afstand tot God denkt, maar vanuit de werkelijkheid van Christus in ons?
- Waar ervaar je dat de Geest de sluier wegneemt en je bewustzijn opent voor meer vrijheid en Christus-Leven?
Resoneert dit artikel bij je, of roept het vragen op?
Je bent van harte welkom om contact met ons op te nemen — we denken graag met je mee.
Samen bouwen aan bewustwording
Wil je helpen om deze boodschap verder te verspreiden? Met een vrijwillige bijdrage ondersteun je ons werk en maak je nieuwe artikelen mogelijk. Elke bijdrage, groot of klein, helpt ons enorm en wordt van harte gewaardeerd.
Wil je op de hoogte blijven van nieuwe artikelen?
Schrijf je dan hieronder in voor onze nieuwsbrief.

2 reacties op “De bedekking van het oude verbond”
Hoi broeder,
Welke christenen bedoel je dan precies. Als je gelooft dat J.C. gestorven is voor al Zijn kinderen is het lastig om uit te gaan sluiten als men over sommige zaken anders denkt!?
Dag broeder Bas, ik ben niet meer van het uitsluiten, maar van het insluiten. Radicale genade niet dankzij, maar ondanks het kruis. “Vader, vergeef het hun, want ze weten niet wat ze doen.” Het kruis heeft ons mijns inziens de weg gewezen van het betonen van radicale genade voor iedereen. Zolang wij rekenen met goed en kwaad, waardoor de mensheid onder de vloek van zonde en dood terecht is gekomen, en op basis daarvan blijven oordelen en veroordelen, gaan we het koninkrijk van God niet zien. Vanuit de Geest gezien is Christus alles en in allen (Kol.3:11). Een citaat van Richard Rohr: “Volwassen christenen zien Christus in alles en iedereen.” Groet en zegen! Peter Overduin