“De straf die ons de vrede aanbrengt, was op hem.” (Jesaja 53:5)
Deze bekende woorden uit Jesaja worden vaak verbonden met het lijden en sterven van Jezus. Maar wat betekent die ‘straf’ eigenlijk? Spreekt Jesaja over een straf die God op Jezus legde, of ontvouwt zich hier een andere beweging: een weg van lijden die uiteindelijk tot bevrijding en vrede leidt?
Jesaja 53 staat in het teken van bevrijding
De context van Jesaja 52 en 53 staat in het teken van onderdrukking en bevrijding. Jesaja verwijst naar Egypte, waar het volk zwaar werd verdrukt en vrede ver te zoeken was.
“Mijn volk trok vroeger naar Egypte om daar als vreemdeling te verblijven, en Assyrië heeft het zonder oorzaak onderdrukt.” (Jesaja 52:4)
In deze context gaat het niet over vergeving van individuele zonden, maar over bevrijding uit onderdrukking en het herstel van vrede.
Ook het beeld van het lam dat ter slachting wordt geleid staat binnen deze beweging:
“Als een lam werd hij ter slachting geleid.” (Jesaja 53:7)
De lijdende knecht heeft binnen Jesaja allereerst betrekking op Israël. Tegelijk kunnen we deze profetische beelden breder verstaan en herkennen we daarin ook de weg die Jezus is gegaan.
Was het God die Jezus strafte?
Jesaja 53:5 spreekt over een ‘straf’ die vrede brengt. Het Hebreeuwse woord dat hier met ‘straf’ wordt vertaald, is mûsār. Dat woord heeft een bredere betekenis dan alleen straf. Het kan wijzen op tuchtiging, discipline, terechtwijzing of correctie. De vertaling ‘straf’ is dus mogelijk, maar daarmee is nog niet gezegd dat Jesaja spreekt over een juridische straf die God aan de knecht oplegt.
De tekst zegt dat de mûsār die met onze vrede samenhangt op hem was. De knecht wordt verwond, verbrijzeld en geslagen en zijn lijden staat in rechtstreeks verband met onze overtredingen en onze vrede. Maar daarmee is nog niet bepaald dat God zijn straf voor onze zonden op hem afwentelt.
Het vers ervoor zegt:
“Wij hielden hem echter voor een geplaagde, door God geslagen en verdrukt.” (Jesaja 53:4)
Wij hielden hem daarvoor.
Hier wordt beschreven hoe de lijdende knecht door mensen werd gezien. Zij interpreteren zijn lijden als een slaan van God. Daarmee is nog niet gezegd dat God degene is die hem straft.
Ook in het Nieuwe Testament wordt nergens expliciet gezegd dat God Jezus strafte om daardoor onze zonden te kunnen vergeven. Wat Jesaja 53:5 wél nadrukkelijk met elkaar verbindt, is het lijden van de knecht en onze vrede: de mûsār was op hem, en daardoor komt er shalom — vrede, welzijn en heelheid.
Wanneer we deze woorden op Jezus betrekken, hoeven we daarom niet te concluderen dat God Jezus strafte om vrede met ons te kunnen sluiten. Jezus onderging de veroordeling en het geweld dat hem werd aangedaan. Juist langs die weg wordt hij degene door wie vrede zichtbaar wordt.
Het zwaard en de vrede
In Openbaring verschijnt een ruiter op een rossig paard:
“En aan hem die erop zat, werd macht gegeven de vrede van de aarde weg te nemen.” (Openbaring 6:4)
Het zwaard staat hier tegenover de vrede. Jezus gaat juist de weg waarop vrede zichtbaar wordt. Hij ontwijkt het zwaard van geweld, veroordeling en dood niet, maar laat het uiteindelijk op zichzelf neerkomen zonder vanuit dezelfde werkelijkheid terug te slaan.
Ook Zacharia gebruikt het beeld van het zwaard:
“Zwaard, ontwaak tegen Mijn Herder en tegen de Man Die Mijn Metgezel is.” (Zacharia 13:7)
Zo wordt het kruis zichtbaar als confrontatie met de werkelijkheid van zonde en dood. Jezus gaat daar dwars doorheen en blijft tot het einde toe leven vanuit Liefde en vrede.
Jezus rekende mensen hun kwaad niet toe
Zelfs wanneer mensen hem ter dood veroordelen, bidt Jezus:
“Vader, vergeef het hun, want zij weten niet wat zij doen.” (Lukas 23:34)
Hij blijft hen niet bezien vanuit hun handelen naar het vlees. Daarin herkennen we wat Paulus later schrijft:
“Zo kennen wij vanaf nu niemand naar het vlees.” (2 Korintiërs 5:16)
Jezus laat zien wat het betekent om niet vanuit de tegenstelling van goed en kwaad over de ander te oordelen. Hij rekent mensen niet af op wat zij vanuit hun verduisterde bewustzijn doen.
Het vlees — de oude bestaanswijze van de mens — voor dood houden, opent daarom de weg naar vrede. Wanneer wij niet langer vanuit oordeel, vergelding en vijandschap reageren, kan het Christus-Leven in ons zichtbaar worden.
Jezus, het zwaard en Matteüs 10:34
Tegen deze achtergrond krijgt ook een andere uitspraak van Jezus betekenis:
“Denk niet dat Ik gekomen ben om vrede te brengen op de aarde; Ik ben niet gekomen om vrede te brengen, maar het zwaard.” (Matteüs 10:34)
Dat klinkt op het eerste gezicht tegenstrijdig. Hoe kan degene die vrede brengt tegelijk zeggen dat hij niet gekomen is om vrede te brengen, maar het zwaard?
Met het zwaard wijst Jezus op de verdeeldheid en vijandschap die door zijn komst zichtbaar worden. Zijn weg van vrede betekent niet dat iedere confrontatie verdwijnt. Zijn leven roept ook weerstand en vijandschap op.
Die vijandschap treft uiteindelijk Jezus zelf. Hij neemt het zwaard niet op tegen zijn vijanden, maar ondergaat hun vijandschap en geweld. Zo wordt zichtbaar dat de vrede die hij brengt niet ontstaat doordat God zijn Zoon straft, maar doordat Jezus de weg van het Christus-Leven blijft gaan, zelfs wanneer die weg hem naar het kruis voert.
Het zwaard van vijandschap treft Jezus, maar hij beantwoordt die vijandschap niet vanuit dezelfde werkelijkheid. Zo wordt het kruis geen uitdrukking van Gods straf, maar de plaats waar de weg van vrede zichtbaar blijft te midden van geweld en dood.
Het kruis als weg naar vrede
Het kruis laat daarmee geen Vader zien die eerst zijn zoon moet straffen voordat vrede mogelijk wordt. Het laat Jezus zien die midden in de werkelijkheid van vijandschap, veroordeling en dood het Christus-Leven zichtbaar maakt.
Hij beantwoordt haat met Liefde, veroordeling met vergeving en geweld met vrede.
Daarin ligt ook voor ons de weg naar vrede. Wanneer ons bewustzijn wordt bevrijd uit de oude bestaanswijze van oordeel en vergelding en wij leren leven vanuit Christus in ons, wordt het Koninkrijk van God zichtbaar in het hier en nu.
De vrede waarover Jesaja spreekt is dan meer dan de afwezigheid van strijd. Het is shalom: heelheid, herstel en leven vanuit de werkelijkheid van God.
Jezus ging deze weg voor ons uit en maakte zichtbaar hoe het zwaard van vijandschap uiteindelijk zijn macht verliest.
Shalom.
Reflectievragen
- Wat verandert er in jouw beeld van het kruis wanneer je het niet vanuit straf, maar vanuit bevrijding en vrede bekijkt?
- Waar merk je in jezelf nog de neiging om mensen te beoordelen vanuit hun handelen naar het vlees?
- Hoe kan het Christus-Leven in jou vandaag zichtbaar worden in de manier waarop je met vijandschap, oordeel of conflict omgaat?
Klik hier voor een uitgebreide uitleg van Jesaja 53 door Santo Calarco.
Resoneert dit artikel bij je, of roept het vragen op?
Je bent van harte welkom om contact met ons op te nemen — we denken graag met je mee.
Samen bouwen aan bewustwording
Wil je helpen om deze boodschap verder te verspreiden? Met een vrijwillige bijdrage ondersteun je ons werk en maak je nieuwe artikelen mogelijk. Elke bijdrage, groot of klein, helpt ons enorm en wordt van harte gewaardeerd.
Wil je op de hoogte blijven van nieuwe artikelen?
Schrijf je dan hieronder in voor onze nieuwsbrief.
