Door de kerkgeschiedenis heen is steeds sterker de nadruk komen te liggen op de goddelijke betekenis van Jezus van Nazareth en op zijn unieke positie als Middelaar tussen God en mens. Tegelijkertijd blijft de vraag belangrijk wat juist in hem zichtbaar werd: de weg die ook voor de mens geopend is.
Johannes schrijft dat wij in deze wereld mogen zijn zoals hij is (1 Johannes 4:17). Wanneer onze aandacht vooral gericht is op de unieke positie van Jezus, kan het moeilijker worden om te herkennen dat zijn leven ook openbaart waartoe wij geroepen zijn: participatie in het Christus-Leven, een vernieuwd bewustzijn en uiteindelijk de verheerlijking van ons lichaam (Romeinen 8:30).
Het gaat er daarom om te ontdekken wat zijn leven over de mens openbaart. Jezus is van goddelijke komaf, maar dat geldt ten diepste voor ieder mens. Ons bestaan vindt zijn oorsprong in God en is gedragen door zijn Geest. Juist daarom kan de mens ontwaken voor zijn werkelijke Christus-identiteit en uit de Geest geboren worden.
De maagdelijke geboorte opnieuw bekeken
God volbrengt zijn bedoeling met de schepping niet door de natuurlijke werkelijkheid buiten werking te stellen, maar werkt juist ín en door die werkelijkheid heen. Gods handelen voltrekt zich door natuurlijke, historische en menselijke processen.
Ook Jezus van Nazareth verschijnt daarom binnen de geschiedenis wanneer de “volheid van de tijd” gekomen is (Markus 1:15; Efeziërs 1:10; Galaten 4:4). Vanuit dat perspectief hoeft ook het scheppingsverhaal niet gelezen te worden alsof de wereld door een reeks bovennatuurlijke ingrepen plotseling tot stand kwam.
Ook de overtuiging dat Jezus zonder menselijke vader uit de maagd Maria geboren werd, kan vanuit dit perspectief opnieuw worden bekeken. Daarvoor zijn verschillende argumenten aan te voeren.
Een opvallend voorbeeld vinden we binnen het evangelie van Lukas zelf.
“En de engel antwoordde en zeide tot Maria: De Heilige Geest zal over u komen en de kracht des Allerhoogsten zal u overschaduwen; daarom zal ook het heilige, dat verwekt wordt, Zoon Gods genoemd worden.” (Lukas 1:35)
Volgens dit verhaal krijgt Maria te horen dat zij door de kracht van de Allerhoogste zwanger zal worden en dat haar kind de Zoon van God genoemd zal worden. Wanneer zij vervolgens daadwerkelijk zonder gemeenschap met een man zwanger zou zijn geworden, zou dit voor haar een onuitwisbare bevestiging zijn geweest van wat haar was aangekondigd.
Juist daarom is een latere gebeurtenis opmerkelijk.
Waarom begrepen Maria en Jozef Jezus niet?
Wanneer Jezus twaalf jaar oud is, reizen zijn ouders met hem naar Jeruzalem. Op de terugweg ontdekken zij dat hij niet bij het reisgezelschap is. Na drie dagen zoeken vinden zij hem in de tempel.
“En toen zij hem zagen, stonden zij versteld en zijn moeder zeide tot hem: Kind, waarom heb je ons dit aangedaan? Zie, je vader en ik zoeken je met smart! En hij zeide tot hen: Waarom hebt u naar mij gezocht? Wist u niet, dat ik bezig moet zijn met de dingen van mijn Vader? En zij begrepen het woord niet, dat hij tot hen sprak.”* (Lukas 2:48-50)
Dat roept een fundamentele vraag op. Wanneer Maria wist dat Jezus zonder menselijke vader was verwekt en haar bovendien door een engel was verteld dat hij de Zoon van God genoemd zou worden, waarom begrijpt zij hem dan niet wanneer hij over zijn Vader spreekt?
Hier lijkt spanning te bestaan tussen beide verhalen.
Mogelijk lezen we het geboorteverhaal te letterlijk en houden we onvoldoende rekening met het literaire en theologische karakter ervan. Een andere mogelijkheid is dat bepaalde elementen later zijn toegevoegd om de bijzondere betekenis van Jezus te benadrukken.
Daarbij komt dat Jesaja 7:14 oorspronkelijk spreekt over een jonge vrouw, terwijl dit later als “maagd” is vertaald. Ook Johannes 8:41 is opmerkelijk: de tegenstanders van Jezus zeggen dat zij “niet uit hoererij geboren” zijn. Dat kan erop wijzen dat rond de afkomst van Jezus vragen of geruchten bestonden.
Paulus zwijgt over een maagdelijke geboorte
Opvallend is bovendien dat Paulus nergens verwijst naar een maagdelijke geboorte. Zelfs wanneer hij tegenover Agrippa uitvoerig verantwoording aflegt over Jezus en zijn verkondiging, noemt hij haar niet (Handelingen 26).
In Romeinen schrijft Paulus juist dat Jezus naar het vlees geboren is uit het zaad van David (Romeinen 1:3). Ook de geslachtsregisters in Matteüs en Lukas verbinden Jezus via Jozef met de lijn van David.
Paulus schrijft bovendien dat God zijn Zoon gezonden heeft “in een vlees aan dat van de zonde gelijk”. De gedachte dat Jezus vanwege de zondigheid van de menselijke natuur zonder menselijke vader verwekt moest worden om zelf zonder zonde te kunnen zijn, vinden we bij Paulus niet terug.
Ook binnen de protestantse en katholieke theologie zijn door vooraanstaande theologen, onder wie H. Berkhof en J. Ratzinger, kritische vragen gesteld bij de wijze waarop deze geloofsvoorstelling moet worden verstaan.
Er zijn daarom voldoende redenen om serieus rekening te houden met de mogelijkheid dat Jezus op natuurlijke wijze uit een vader en moeder geboren is.
Jezus werd werkelijk mens zoals wij
Dat doet niets af aan de betekenis van Jezus. Integendeel. Juist wanneer Jezus werkelijk mens van vlees en bloed was, krijgt zijn weg een diepere betekenis voor ons.
Hij moest zijn broeders “in alles gelijk worden” (Hebreeën 2:17) en “gehoorzaamheid leren” (Hebreeën 5:8). Jezus spreekt over zijn volgelingen als zijn broers en zussen (Matteüs 12:50; Markus 3:34), terwijl Paulus hem de “eerstgeborene onder vele broeders” noemt (Romeinen 8:29).
Zijn uniciteit ligt dan niet in het feit dat hij tot een andere categorie van bestaan behoorde dan wij, maar hierin dat in hem voor het eerst volledig zichtbaar werd wat voor de gehele schepping geldt: het Christus-Leven dat vanuit Gods werkelijkheid reeds gegeven is.
Jezus openbaart wat de mens werkelijk is en waartoe de mens bestemd is.
Jezus en Christus zijn niet hetzelfde
Wanneer Jezus werkelijk mens was zoals wij, ontstaat ook ruimte om opnieuw te kijken naar zijn betekenis als Middelaar tussen God en mens en naar de relatie daarvan met de leer van de erfzonde en een juridisch verstaan van verlossing.
Zonde hoeft niet als erfelijke schuld te worden verstaan. Zij kan worden gezien als verduistering van het bewustzijn en participatie in de sfeer van zonde, dood en vergankelijkheid. Verlossing betekent vanuit dit perspectief dat de mens wordt bevrijd uit deze macht en gaat participeren in het Christus-Leven.
Daarbij is het belangrijk onderscheid te maken tussen Jezus van Nazareth en Christus.
Christus is de kosmische werkelijkheid van Gods Leven, waarin de hele schepping haar oorsprong en bestaan heeft. Jezus is de historische mens in wie deze Christus-werkelijkheid volledig zichtbaar is geworden. Daarom is Christus in ons de hoop op heerlijkheid — niet “Jezus in ons”.
Het mysterie van Christus is daarmee groter en omvattender dan de historische persoon Jezus van Nazareth.
Jezus als eersteling van de nieuwe mens
Juist daarom spreekt Paulus zo hoog over Jezus. In zijn leven werd het Christus-Leven zichtbaar en in zijn opstanding brak dit Leven lichamelijk door de macht van dood en vergankelijkheid heen.
Jezus werd de eersteling van wat uiteindelijk de gehele schepping omvat (1 Korintiërs 15:20). Zijn verheerlijking laat zien dat transfiguratie geen werkelijkheid is die uitsluitend voor hem bestemd was.
Als het sterfelijke lichaam van Jezus tot onvergankelijkheid kon worden getransformeerd, ligt daarin juist hoop voor ieder mens van vlees en bloed.
Jezus is de eerstgeborene onder vele broeders. Hij heeft als eersteling de weg zichtbaar gemaakt die vanaf eeuwen en geslachten verborgen was en nu geopenbaard wordt: Christus in ons (Kolossenzen 1:26-27).
Het gaat om een werkelijkheid waarvoor ons bewustzijn verduisterd was geraakt. Het evangelie openbaart een mensheid die bevrijd wordt uit de slavernij van zonde en dood en ontwaakt voor het Leven dat altijd al haar diepste grond was.
Jezus als onze oudste broer
Jezus is ons op deze Weg voorgegaan. Daarvoor mogen we hem eren en diep dankbaar zijn. Zijn betekenis opent tegelijkertijd het perspectief op wat ook in ons zichtbaar mag worden.
In hem wordt zichtbaar wat het betekent wanneer een mens volledig vanuit zijn Christus-identiteit leeft.
Jezus is de eersteling van een veel grotere oogst. Zijn weg opent het perspectief op onze eigen participatie in het Christus-Leven: van verduistering naar bewustwording, van dood naar Leven en uiteindelijk van vergankelijkheid naar de transfiguratie van het lichaam.
Jezus Christus in het vlees gekomen
In dit verband krijgt ook 1 Johannes 4:2-3 een bijzondere betekenis:
“Hieraan onderkent gij de Geest Gods: iedere geest, die belijdt, dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, is uit God; en iedere geest, die Jezus niet belijdt, is niet uit God.”
Johannes benadrukt dat Jezus Christus werkelijk in het vlees gekomen is. Bij het begrip vlees gaat het niet slechts om lichamelijkheid (soma), maar om sarx: het menselijke bestaan zoals dat onderworpen is aan zonde, dood en vergankelijkheid.
Jezus stond niet buiten deze menselijke bestaanswijze. Juist daarin moest Christus zichtbaar worden.
De werkelijke deelname van Jezus aan onze menselijke conditie maakt zichtbaar wat de incarnatie betekent: Christus openbaart zich midden in het menselijke, vergankelijke bestaan.
En wat in Jezus zichtbaar werd, heeft een universele reikwijdte. Christus is niet uitsluitend de werkelijkheid van één mens, maar de goddelijke werkelijkheid waarin de hele schepping haar bestaan heeft.
“Christus is het beeld van de onzichtbare God, de eerstgeborene der ganse schepping, want in Christus zijn alle dingen geschapen, die in de hemelen en die op de aarde zijn, de zichtbare en de onzichtbare, hetzij tronen, hetzij heerschappijen, hetzij overheden, hetzij machten; alle dingen zijn door Christus en tot Christus geschapen; en Christus is voor alles en alle dingen hebben hun bestaan in Christus.” (Kolossenzen 1:15-17)
Deze Christus heeft Jezus van Nazareth geopenbaard.
Door vanuit Jezus ook te kijken naar het kosmische mysterie dat hij zichtbaar maakte, opent zich de bredere reikwijdte van het evangelie van het Koninkrijk: de Christus-werkelijkheid waarin de gehele schepping haar oorsprong, bestaan en bestemming vindt.
Reflectievragen
- Wat verandert er wanneer je Jezus ziet als degene in wie zichtbaar werd wat het Christus-Leven ook voor jou betekent?
- Kun je onderscheid maken tussen Jezus van Nazareth en de kosmische werkelijkheid van Christus?
- Hoe verandert jouw beeld van het evangelie wanneer Jezus niet het onbereikbare eindpunt is, maar de eersteling van een werkelijkheid waarin ook jij mag participeren?
Hieronder de weblinks naar een driedelige Bijbelstudie serie van Ed Meenderink over de maagdelijke geboorte van Jezus.
Deel 1 – Deel 2 – Deel 3
Resoneert dit artikel bij je, of roept het vragen op?
Je bent van harte welkom om contact met ons op te nemen — we denken graag met je mee.
Samen bouwen aan bewustwording
Wil je helpen om deze boodschap verder te verspreiden? Met een vrijwillige bijdrage ondersteun je ons werk en maak je nieuwe artikelen mogelijk. Elke bijdrage, groot of klein, helpt ons enorm en wordt van harte gewaardeerd.
Wil je op de hoogte blijven van nieuwe artikelen?
Schrijf je dan hieronder in voor onze nieuwsbrief.
