Maria komt bij het graf en vraagt aan de ‘tuinman’, die Jezus blijkt te zijn, of hij weet waar het lichaam van Jezus is gebleven. Dan noemt Jezus haar naam. Maria herkent hem en spreekt hem aan als Meester: Rabboeni. Ze ziet Jezus als iemand van een hogere orde.
“Jezus zeide tot haar: Houd Mij niet vast, want Ik ben nog niet opgevaren naar de Vader; maar ga naar mijn broeders en zeg hun: Ik vaar op naar mijn Vader en uw Vader, naar mijn God en uw God.” (Johannes 20:17)
Het eerste wat Jezus na zijn opstanding duidelijk maakt, is dat hij naar zijn Vader zal gaan. Zijn lichaam was nog niet definitief tot verheerlijking gekomen; hij was het Koninkrijk van God nog niet binnengegaan.
Mijn Vader en jullie Vader
Daarna geeft Jezus een aanwijzing die van fundamenteel belang is:
“…naar mijn Vader en jullie Vader, naar mijn God en jullie God.” (Johannes 20:17)
Jezus maakt duidelijk dat hij hun broer is. Zijn Vader is hun Vader en zijn God is hun God. Als mens is hij een zoon van dezelfde God van wie ook zij zonen en dochters zijn. Daarmee onderstreept Jezus de volkomen gelijkwaardigheid tussen zichzelf en zijn volgelingen.
Zijn woorden “Houd mij niet vast” krijgen vanuit dit perspectief een diepere betekenis. Houd mij niet vast als een Meester van een hogere orde, maar zie ook waartoe jij geroepen bent.
“Jezus dan sprak tot hen en zei: Ik ben het Licht der wereld.” (Johannes 8:12)
“En hij opende zijn mond en leerde hen, zeggende: Gij zijt het licht der wereld.” (Matteüs 5:14)
“Zolang ik in de wereld ben, ben ik het Licht der wereld.” (Johannes 9:5)
Jezus maakte het Licht zichtbaar. Maar hij wees zijn volgelingen op diezelfde werkelijkheid in henzelf. Vanaf het moment dat hij naar zijn Vader zou gaan, moesten zij het stokje overnemen.
“…want gelijk hij is, zijn ook wij in deze wereld.” (1 Johannes 4:17b)
Jezus gaat ons voor naar de Vader
Veertig dagen later komt het moment van Jezus’ verheerlijking: het moment waarop hij ‘opvaart’ naar zijn Vader.
“En nadat hij dit gesproken had, werd hij opgenomen, terwijl zij het zagen, en een wolk onttrok hem aan hun ogen.” (Handelingen 1:9)
Nadat Jezus zich aan hun natuurlijke ogen heeft onttrokken, blijven de discipelen naar de hemel staren.
Jezus is het Koninkrijk van God binnengegaan. Hij heeft de weg naar het Koninkrijk door geloof voleindigd. Daarom wordt hij de voleinder van het geloof genoemd en kan hij als geen ander onze leidsman zijn op de weg die wij achter hem aan mogen gaan (Hebreeën 12:2).
“En toen zij naar de hemel staarden, terwijl hij henenvoer, zie, twee mannen in witte klederen stonden bij hen, die ook zeiden: Galileese mannen, wat staat gij daar en ziet op naar de hemel?” (Handelingen 1:10)
De boodschap is helder: blijf niet naar de hemel staren. Jezus is voorgegaan.
Waarom blijven jullie naar de hemel kijken?
Terwijl de discipelen Jezus nog steeds nastaren, klinkt de vraag:
“Galilese mannen, wat staat gij daar en ziet op naar de hemel?” (Handelingen 1:10)
Daarna volgt:
“Deze Jezus, die van u opgenomen is naar de hemel, zal op dezelfde wijze komen, zoals gij hem naar de hemel hebt zien varen.” (Handelingen 1:11)
Deze woorden worden vaak gelezen vanuit de verwachting van een toekomstige wederkomst van Jezus. Tegelijkertijd klinkt de voorafgaande vraag: “Wat staat gij daar en ziet op naar de hemel?”
De discipelen moesten niet naar de hemel blijven staren. Jezus was hun voorgegaan. Hij had de weg naar het Koninkrijk van God voltooid en was tot lichamelijke verheerlijking gekomen. Daarom wordt hij de voleinder van het geloof genoemd en degene die ons op deze weg voorgaat (Hebreeën 12:2).
Wanneer we Jezus uitsluitend op afstand blijven zien als degene die als enige de Christus — de gezalfde — is, kan het zicht bedekt blijven op de werkelijkheid waartoe ook wij geroepen zijn. Zijn Vader is ook onze Vader en zijn God ook onze God.
Christus in ons
Jezus zegt daarom tegen zijn discipelen:
“Doch ik zeg u de waarheid: Het is beter voor u, dat ik heenga. Want indien ik niet heenga, kan de trooster zich niet tonen, maar indien ik heenga, zal hij u kunnen begeleiden.” (Johannes 16:7)
Wanneer Jezus voor ons vooral een Meester van een hogere orde blijft, kan de zalving met de Geest — Christus in ons — vooral een rationeel weten blijven.
Juist die zalving wil ons van binnenuit begeleiden op de weg waarop Jezus ons is voorgegaan: van wedergeboorte naar de verheerlijking van ons lichaam.
Daarom gaat het om het ontwaken voor Christus in ons en het leren leven vanuit die werkelijkheid, terwijl we Jezus volgen op de weg die hij heeft geopenbaard.
Van wedergeboorte naar verheerlijking
Jezus’ opvaren naar de Vader nodigt ons niet alleen uit om naar hem te blijven kijken, maar vooral om de weg te gaan waarop hij ons is voorgegaan.
Jezus riep mensen op tot bekering: tot een radicale vernieuwing van denken en bewustzijn. Hij ging ons voor op de weg uit de duisternis naar het Licht, zodat ook wij tot wedergeboorte en uiteindelijk tot verheerlijking van ons fysieke lichaam kunnen komen.
Dat is de weg waarop Jezus ons is voorgegaan.
Niet alleen om bewonderd te worden, maar om gevolgd te worden.
Niet om hem op afstand te houden als iemand van een hogere orde, maar om te ontwaken voor dezelfde zalving van de Geest.
Niet om alleen te blijven uitzien naar wat nog komen zal, maar om hier en nu te leren leven vanuit Christus in ons en de werkelijkheid van het Koninkrijk van God.
Reflectievragen
- Wat betekent het voor jou dat Jezus spreekt over “mijn Vader en jullie Vader, mijn God en jullie God”?
- Ben jij je werkelijk bewust van Christus in jou, of is dit voor jou vooral een rationeel weten?
- Wat betekent het voor jou om Jezus niet alleen te bewonderen, maar hem daadwerkelijk te volgen op de weg naar verheerlijking?
Resoneert dit artikel bij je, of roept het vragen op?
Je bent van harte welkom om contact met ons op te nemen — we denken graag met je mee.
Samen bouwen aan bewustwording
Wil je helpen om deze boodschap verder te verspreiden? Met een vrijwillige bijdrage ondersteun je ons werk en maak je nieuwe artikelen mogelijk. Elke bijdrage, groot of klein, helpt ons enorm en wordt van harte gewaardeerd.
Wil je op de hoogte blijven van nieuwe artikelen?
Schrijf je dan hieronder in voor onze nieuwsbrief.

2 reacties op “Houd mij niet vast!”
Welke Bijbel vertaling wordt gebruikt. Handelingen 1:11 heeft in elke Nederlandse vertaling echt iets anders staan.
Dag Gert, de vertaling die ik weergeef komt vanuit het Grieks. Het Griekse woord dat doorgaans met ‘komen’ wordt vertaald, kan ook vertaald worden met ‘iemand volgen’. En aangezien er in de tekst gesproken wordt over ‘op dezelfde manier’, is het logischer dat wij Jezus op dezelfde manier zullen volgen. Deze vertaling strookt alleen niet met de christelijke theologie, waarin de z.g. ‘wederkomst’ van Jezus altijd een belangrijke rol heeft gespeeld. Ik geloof niet dat Jezus, na te zijn verheerlijkt, weer terug gaat komen. Ik geloof dat wij hem zullen volgen. We zullen worden opgenomen in heerlijkheid; de Here, die Geest is, tegemoet.